Door: REEF geeft raad / 17 augustus 2012

Op 15 augustus heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (LJN: BX4676) zich uitgesproken over de wijze waarop een ontwerpbesluit gepubliceerd dient te worden.

Situatie

Bij ontwerpbesluit van 10 december 2010 heeft de gemeente Deventer aangegeven een revisievergunning (ingevolge art. 8.4 Wm) te gaan verlenen voor een inrichting te Bathem. Dit ontwerpbesluit is vervolgens op 11 januari 2011 ter inzage gelegd. De kennisgeving van deze inzage is zowel elektronisch (publicatie website) als niet-elektronisch (kennisgeving in huis-aan-huisblad) gepubliceerd. De kern van de zaak gaat in feite over een antwoord op twee rechtsvragen 1) is de kennisgeving op een juiste manier overgebracht aan de inwoners van een andere gemeente die wonen in de omgeving van de inrichting waarop het ontwerpbesluit van toepassing is? En 2) is enkel een elektronische kennisgeving genoeg in het kader van artikel 3:12 Awb (openbare kennisgeving)?

Het college heeft de kennisgeving van het ontwerpbesluit gepubliceerd in het huis-aan-huisblad de Deventer Post en tevens gepubliceerd op de webpagina van de gemeente. Daaraan toegevoegd heeft het college ook een individuele kennisgeving verzonden aan omwonenden die zienswijzen hadden ingediend over een ontwerpbesluit naar aanleiding van een eerder ingetrokken vergunningaanvraag en aan omwonenden binnen een afstand van 300 meter van de inrichting. De inrichting ligt op ongeveer 150 meter van de grens met de gemeente Lochem en van een net over die grens gelegen veehouderij. Op afstand van ongeveer 400 meter van de inrichting liggen in de gemeente Lochem woningen. Ten aanzien van de vraag of deze omwonenden belanghebbenden zijn stelt de Afdeling dat het gaat om een vergunning voor het houden van 91.400 legkippen en dat daarmee de kans redelijk groot is dat zij te maken zullen krijgen met de milieugevolgen van het in werking zijn van de inrichting met als gevolg dat ze aan zijn te merken als belanghebbenden.

Beleidsvrijheid

Op basis van artikel 3:12 lid 1 Awb heeft het college een zekere beleidsvrijheid voor de kennisgeving van ontwerpbesluiten. Fundamenteel gaat het erom dat een geschikte wijze van kennisgeving van het ontwerpbesluit plaatsvindt met als achterliggende gedachte dat de kennisgeving daadwerkelijk al diegenen zal/kan bereiken die naar verwachting bedenkingen kunnen hebben tegen een ontwerpbesluit. Het gaat daarbij niet enkel om het ‘ambtsgebied’ van een gemeente, de gemeente moet, zeker als het in de buurt van de gemeentegrens is, ook bewoners van andere gemeenten de gelegenheid geven om kennis te nemen van een ontwerpbesluit.

Niet-elektronische kennisgeving

Vaststaat dat aan de belanghebbenden in de gemeente Lochem geen individuele kennisgevingen van het ontwerpbesluit zijn verzonden. De Afdeling toetst vervolgens of de wijze van publicatie (niet-elektronisch en elektronisch) de belanghebbenden van de gemeente Lochem redelijkerwijs had kunnen bereiken. De Deventer Post (huis-aan-huisblad) wordt niet bezorgd in de gemeente Lochem, daarmee staat vast dat de kennisgeving de bewoners niet bereikt heeft. Met als gevolg dat de niet-elektronische kennisgeving in strijd met artikel 3:12 lid 1 Awb is.

Elektronische kennisgeving

Vervolgens gaat de Afdeling toetsen of de elektronische kennisgeving wel voldoende is voor het vaststellen dat de kennisgeving op een juiste wijze heeft plaatsgevonden. De Afdeling komt daar niet aan toe omdat artikel 3:12 jo. 2:14 lid 2 Awb in samenhang uitgelegd moeten worden, aldus de Afdeling. Deze in samenhang uitgelegde artikelen stellen kort dat als een gemeente een ontwerpbesluit enkel elektronisch ter kennisgeving wenst te publiceren, de gemeente dit enkel kan doen als een wettelijk voorschrift deze bevoegdheid geeft. Anders blijft de ‘ten minste één niet-elektronische’-eis zoals opgenomen in artikel 3:12 jo. 2:14 lid 2 Awb bestaan. Hier is in deze zaak geen sprake van, de Afdeling kan dus enkel oordelen dat de kennisgeving niet conform de juiste wijze heeft plaatsgevonden.

Gevolg

Het is gemeenten aan te raden om in het kader van de kennisgeving van ontwerpbesluiten goed vast te stellen via welk medium het ontwerpbesluit ter kennisgeving wordt aangeboden, zonder wettelijk voorschrift (lees verordening) is enkel een elektronische kennisgeving niet voldoende. De gemeente moet, indien een besluit ook gevolgen heeft voor belanghebbenden buiten de gemeentegrens, ervoor zorgen dat deze belanghebbenden de kennisgeving ontvangen. Wil een gemeente overgaan tot enkel een elektronische kennisgeving die voldoet aan de eisen zoals gesteld in artikel 3:12 Awb dan zal zij dit in de verordening moeten opnemen. De juristen van REEF geeft raad zijn prima in staat om u daarbij van advies te voorzien of om deze taak voor u uit te voeren!